Nieuwsbrief

 

Eldad Kisch

"Profiling"
Lees zijn column
 
Geef het andere Israël moed

Lees verslag 2015

Klik hier

 
 

Denk niet

'ik kan niets doen'

Klik hier

 

Column Eldad Kisch

De zwarte lijst

27-12-2013

 

De Palestijnen zijn zijn voor hun dagelijks brood voor een groot deel aangewezen op werk in Israel. Permissie om in Israel te kunnen werken is afhankelijk van vele factoren, waarvan niet de minste voorbeeldig gedrag is. Het verkrijgen van een vergunning is ook in het beste geval een bureaucratisch doolhof, met vele stappen bij meerdere instanties, in eindeloze rijen wachtenden. Om de Palestijnen te 'helpen' bij dit moeizame, dure en tijdrovende werk van het verkrijgen van deze fel-begeerde en broodnodige vergunningen is er een industrie ontstaan om dit onderwerp heen. Zelfs als de Palestijn zelf alle stappen onderneemt, kost de werkvergunning geld, en die moet elke drie maanden weer bureaucratisch verlengd worden. Het gedonder begint pas goed als je op de Zwarte Lijst van de Israelische veiligheidsdienst staat. Hoe je daar op komt is niet zo problematisch: een klein vergrijp in je jeugd – bv. stenen gooien, verlinkt na ruzie met een buurman, lidmaatschap van 'verkeerde' organisaties, om niet spreken van eerdere aanrakingen met de autoriteiten om welke subversieve reden dan ook. Wie op de lijst staat weet dat vaak zelf niet, pas als hij iets nodig heeft wordt hij dat gewaar; hij hoeft in die toestand niet zijn best te doen om een werkvergunning in Israel te krijgen, geen schijn van kans. Als hij ziek is kan hij niet voor medische behandeling Israel binnen komen. De lijst is wat dat betreft ook besmettelijk, want het hebben van een naast familielid op de Zwarte Lijst kan je ook nog parten spelen.

Maar hoe kom je van die lijst af? Dat is bijna onmogelijk. Alles om die lijst heen is geheim. Het is dus een ideaal terrein voor "machers" om voor veel geld te proberen hier iets aan te doen. Er worden tegenwoordig ook vergunningen vervalst. Die krijg je ook niet gartis. En tenslotte is er een vruchtbaar nieuw terrein ontstaan van 'passeerders', meestal zware jongens uit de criminele wereld van beide kanten in vruchtbare samenwerking tussen Palestijnen en Israeli's, die je door gaten in het hek, of via waterafvoerkanalen onder het hek, Israel binnen loodsen. Dat kost 50 NIS (ongeveer 10 euro) per keer, dus wie deze weg heeft verkozen moet per werkdag 100 NIS van zijn onderbetaalde salaris afdragen.

Channa Barag, een veterane activiste van MachsomWatch uit Jeruzalem, schreef hierover een ingezonden brief in Ha'aretz op 24 november. Haar conclusie is zo pijnlijk waar: "Zo breidt zich 'de industrie van vervalste vergunningen' uit en 'de industrie van het vermijden van de hindernis van de scheidingsmuur': in beide gevallen zijn dit 'industrieën' die beide gemeenschappen, de Palestijnse zowel als de Israelische, verzieken".

 

Mijn poging om het inefficiente en tijdrovende ambulance-verkeer op de contoleposten te stroomlijnen (zie mijn column van 19 november) na dat eens min of meer toevallig van nabij mee te mogen maken heeft tot nu toe eigenlijk alleen weerklank gevonden binnen de kleine linkse gemeenschap. De grote spelers, zoals de Israeli Medical Association bleven kalm, en het Ministerie van Gezondheid reageerde helemaal niet. Nog een aspekt van de desastreuze bezetting, waar eigenlijk alleen een wortelbehandeling iets zou kunnen uitmaken.

 

Een jaar of twee geleden was er sprake van een wetsontwerp dat zeer eenzijdig gericht was tegen NGO's die iets met vrede van doen hebben. Dat zijn dus meestal linkse organisaties, die het niet in alles eens zijn met de politiek van de Israelische regering. Destijds koos Nethanjahoe eieren voor zijn geld, en hij trok zijn handen van de zaak af. Nu, met zijn volledige steun van rechts in de regering, ligt het wetsontwerp weer op tafel. Een officiëel bestuurslid van een NGO die iets positiefs durft te zeggen over BDS (boycot, divestment, sanctions), krijgt een belasting van 45% op alle giften van buitenaf aan zijn organisatie, die tot nu toe belastingvrij zijn. Dit is dus eigenlijk een verkapte boete, die natuurlijk de nekslag wordt voor zo'n organisatie, te meer daar dit geld meteen gebruikt zal worden tot meerdere glorie van de settlers. Wie wil er dan nog een gift te doen? Ditmaal voelt Netanyahu zich veel zekerder en of het een democratische wet is interesseert hem maar matig. De vrijheid van meningsuiting wordt weer ingekort.