Nieuwsbrief

 

Eldad Kisch

"Profiling"
Lees zijn column
 
Geef het andere Israël moed

Lees verslag 2015

Klik hier

 
 

Denk niet

'ik kan niets doen'

Klik hier

 

Column Eldad Kisch

Een zwakzinnige staat terecht

Al eerder schreef ik over de gang van zaken in militaire rechtbanken, en het was toen overduidelijk dat dit een toneelstuk en een farce is. Nu komt dit verslag van een van de trouwe dames van Machsom Watch. En ik kon me er niet van weerhouden - uit weerzin, schaamte, woede? - om jullie hier deelgenoot van te maken.

Dit mag niet en dit kan niet.

 

Verslag van Machsom Watch

  • Het militaire gerechtshof in Ofer, 4 april 2012
  • Voor Machsom Watch aanwezig: Chawah Halevi (rapporteur) en Chaya A
  • Strafzaak van Malakh Alami
  • Rechter: Ettie Adar
  • Verdachte: Malakh Mahmoud Ali Alami
  • Officier van Justitie: Jenny Lobovski
  • Advocaat: op verzoek van de familie wordt deze niet genoemd
  • In de zaal zijn aanwezig Malakh's moeder, zijn oom en twee neven

De rechter las de aanklacht waarin wordt vermeld dat Malakh tweemaal stenen gooide op de weg nr. 60, en ook dat hij heeft bekend. De vertaler vertaalde en na elke paar zinnen vroeg de rechter de verdachte: heb je het begrepen? En Malakh knikte met zijn hoofd 'ja'. En daarna, zoals gewoonlijk, zei de advocaat dat hij de relevante stukken pas nu voor het eerst zag en hij verzoekt uitstel van de rechtszaak. Dit is gebruikelijk.

 

Maar toen stond Chaya op, stak haar vinger in de lucht zoals in de klas en vroeg iets te mogen zeggen. En nog voor iemand kon reageren zei ze op rustige, langzame en aangename toon: “Mevrouw, ik ken Malakh sinds hij 8 jaar oud is. Hij is diep zwakzinnig. Het is niet denkbaar dat hij dit heeft gedaan. Hij is daar helemaal niet toe in staat.”

Er viel een diepe stilte. In de rechtszaal, gewend aan de hautaine en agressieve toon van de advocaten, maken deze woorden in eenvoudig Ivriet een diepe indruk.

 

Begrijp goed - Malakh zit al een maand in hechtenis. Hij is ondervraagd en daar is zeker een proces verbaal van gemaakt. In de aanklacht zijn de namen van drie advocaten vermeld, die op deze of gene wijze met de rechtszaak van Malakh te maken hebben gehad. Heeft iemand van hen Malakh ooit ontmoet voor de rechtszaak, of was dit de eerste keer dat deze verdediger zijn cliënt ziet? De aanklager heeft de aanklacht opgesteld, Malakh is voortdurend samen met andere gevangenen, die hem zien en begrijpen dat hij zwakzinnig is. Maar zelfs als een medegevangene probeert dit te melden - wie zou naar hem luisteren? Ze zouden vragen: ben jij zijn advocaat? Zo niet, bemoei je met je eigen zaken. Ben je een familielid? Zo nee, hou je er buiten. Ben je een arts? Zo nee, hou je mond. En van dit soort fijne juridische en organisatorische maniertjes. En zo was Malakh de mens op geen enkele manier tot het gerechtshof doorgedrongen.

 

En de ondervrager - hoe precies verliep het verhoor met een zwakzinnige jongeman, die geen woord begrijpt van wat hem gezegd wordt, en alleen maar ja, ja knikt? De trouwe ondervrager moet zijn aanklacht onderbouwen, en hij, zoals gezegd, heeft dat ijverig gedaan. De man zei inderdaad ‘ja’ op alle gestelde vragen.

 

En wat moet de openbare aanklager zeggen? Ik heb een stapel papieren voor me - de getuigenissen, en het protocol en de aanklacht, etc, etc. Dit verhaal schetst precies de stomme rol die de verdachte speelt in het gerechtshof. De rechter hoort de beide kanten (de aanklager en de advocaat), die beiden geen benul hebben van de persoon waar de rechtszaak over gaat. Is het de taak van de rechter om zelf te kijken wie de verdachte is die voor haar staat? We spreken niet voor niets over een ‘zaak’. We berechten hier zaken en geen mensen.

 

De rechter vroeg: wie bent u, mevrouw, en welke band heeft u met hem? En Chaya vertelde dat ze al vele jaren met de familie bevriend is, en dat ze de rechter aanraadt om de oom, die naast haar zit, te vragen wat er met Malakh aan de hand is. Op verzoek van de rechter stond de oom op en vertelde dat het probleem met Malakh is dat het moeilijk te begrijpen is wat hij zegt, dat hij hardhorend is, dat hij twee jaar lagere school afmaakte en sindsdien thuis zit; dat zijn vader ook zo is, en dat het erfelijk is. De vertaler weet niet wat het woord voor erfelijk is in het Ivriet, en vertaalt geestesziek. Niemand in de familie gebruikt het woord zwakzinnig; misschien komt het niet voor in hun lexicon, en toen vroeg de rechter, als het een kwestie van geestesziekte is, misschien zijn er dan medische attesten die daarop wijzen, en natuurlijk hadden ze niets in die richting. En daarna, omdat Chaya voet bij stuk hield dat hij zwakzinnig is, stelde ze voor dat de regionale psychiater van Jeruzalem hem zal onderzoeken en een attest afgeven. Alle relevante documenten zouden nog dezelfde dag doorgestuurd worden om te bepalen of de verdachte in staat is terecht te staan, en verantwoordelijk gesteld kan worden voor zijn daden.

 

Er volgde een korte opschudding, en de advocaat probeerde nog zijn rol in dit toneelstuk te hernemen, maar het was duidelijk dat hij totaal niet op de hoogte was en dat dit de eerste keer was dat hij zijn cliënt ontmoette. Een eerdere advocaat, of hij nou wel of niet ooit Malakh had ontmoet, had zijn collega nergens over ingelicht.

 

De eenvoudige waarheid is dat Malakh nooit onderzocht is. Ook op school was er geen diagnose gesteld, en hij slijt zijn leven in en om het huis, tussen mensen die van hem houden en al zijn noden lenigen. Zij hebben geen diagnose nodig, en ze beschrijven hem, zoals vele anderen, als een ‘zielepoot’.

 

Buiten de rechtszaal ging de discussie verder. De oom had al een paar keer tegen de moeder gezegd dat ze medische attesten mee moest brengen, maar zij gaat nergens alleen heen, en zeker niet naar plaatsen die iets met officiële instanties van doen hebben.

Later vertelde ze dat de vader documenten had gehaald waarin staat dat Malakh moeite heeft met spreken en horen (maar niet dat hij doofstom is), en dat hij niet begrijpt wat er gezegd wordt en niets weet te antwoorden. Misschien, als alle nodige papieren bij de militaire aanklager aankomen, zal er iemand wakker worden, en mag Malakh weer naar huis.

 

Nu rijzen er twee vragen: wat zou er gebeurd zijn als Chaya niet was opgestaan en in het Ivriet zei wat ze wist over Malakh?

En de tweede vraag: hoeveel van dit soort jongens zitten er in de militaire gevangenis?

 

Vertaling Eldad Kisch